Hoe vaak kwamen negatieve stroomprijzen* voor in 2025?
In 2024 waren er 458 uren met negatieve stroomprijzen, wat neerkomt op 5% van alle uren. In 2025 steeg dit naar 581 uur, oftewel 7% van alle uren. Daarnaast waren er ook momenten waarop de stroomprijs precies nul was: 84 uur in 2024 tegenover 67 uur in 2025.
De negatieve stroomprijzen deden zich in 2025 uitsluitend voor tussen de maand maart en oktober. De maand mei sprong eruit met 145 uur (19% van de tijd), terwijl juli juist relatief weinig negatieve uren kende.
Kijk je naar het moment van de dag, dan kwamen negatieve prijzen vooral voor in de late ochtend en middag (ongeveer tussen 10:00 en 17:00 uur). ’s Nachts kwamen ze slechts sporadisch voor en tussen 20:00 en 22:00 uur helemaal niet.
Ook per weekdag is een duidelijk patroon zichtbaar: 52% van de negatieve prijzen viel in het weekend. Dat is minder dan in 2024, toen nog 63% in het weekend voorkwam. Toch blijven zaterdag en zondag de dagen met de meeste negatieve prijsuren, terwijl doordeweekse dagen rond de 50 uur blijven.
Hoe negatief waren de stroomprijzen?
De laagste prijs in 2024 bedroeg -€0,20 per kWh, terwijl deze in 2025 daalde tot -€0,35 per kWh. Dit zijn echter uitzonderingen. In 2025 lag 76% van de negatieve prijzen net onder nul (tot -€0,01 per kWh), een duidelijke toename ten opzichte van 52% in 2024. Daarnaast lag 18% van de prijzen tot -€0,05 per kWh en 5% tot -€0,15 per kWh.
Samengevat: het aantal uren met negatieve stroomprijzen is in 2025 flink toegenomen ten opzichte van 2024. Tegelijkertijd zijn de prijzen gemiddeld niet veel negatiever geworden. Negatieve prijzen komen vooral voor in het weekend, overdag (met name in de ochtend en middag) en in zonnige (zomer)maanden.
*stroomprijzen exclusief inkoopvergoedingen en belastingen

